OZB, het percentage dat over de WOZ-waarde van het pand wordt geheven, gaat omhoog. Veel panden staan leeg en WOZ-waardes zijn gedaald. Om de inkomsten van overheden op peil te houden zijn daarom de percentages van OZB naar boven bijgesteld. Voorheen verdienden gemeentes aan gronduitgifte. Nu de bouw stilligt, vallen die inkomsten ook weg. Verhogen van lokale belastingen is dus bittere noodzaak!? Of toch niet? Gemeentes die al niet zo in trek waren, zullen nog sneller in onmin raken bij ondernemers. Kostenverhogingen in crisistijd is niet logisch. Hiertegen zouden vakorganisaties tegenin moeten gaan. Vraag is überhaupt of de grondslag van  gemeentelijke belastingen voor huurders  de waarde van het pand mag zijn.  Verhoging WOZ-gebaseerde  belastingen is extra reden om de hoogte van de huur ter discussie te stellen bij de eigenaar. De opstelling van MKB Nederland en Detailhandel Nederland is erg gematigd nu duidelijk is dat het gemis aan gemeentelijke  inkomsten afgewenteld wordt op de resterende ondernemers. Feitelijk zijn de pandeigenaren die hun huren niet wensen te verlagen, schuld aan de leegstand. Zij zouden het gemis aan OZB- inkomsten moeten bijpassen. Dit mag wat Parleys aangaat, best “heffing op leegstand” heten. Deze heffing maakt het voor pandeigenaren minder interessant om een leeg pand tegen een hoge fictieve huur (lees hoge beleggingswaarde) leeg te laten liggen. Verder dwingt het tot een goede registratie van de leegstand. Leegstand komt namelijk voort uit het gebrek aan transparantie en gebrek aan marktwerking.